Draagvlak voor klimaatbeleid blijft groot, maar gevoel van onrechtvaardigheid groeit
Hoewel een ruime meerderheid van de Nederlanders het belangrijk blijft vinden dat Nederland werk maakt van klimaatverandering, groeit de onvrede over de manier waarop het beleid wordt uitgevoerd. Het aantal mensen dat zich ergert aan de aandacht voor klimaat ten opzichte van andere maatschappelijke problemen is gestegen van 24 naar 34 procent. Volgens onderzoeker Yvonne de Kluizenaar hangt dit samen met bredere zorgen over woningnood, veiligheid, internationale spanningen en een afnemend vertrouwen in de politiek. Veel burgers hebben het gevoel dat belangrijke problemen onvoldoende worden opgelost, terwijl zij tegelijkertijd geconfronteerd worden met nieuwe klimaatmaatregelen. Toch blijft de steun voor investeringen in de energietransitie, verduurzaming en klimaatadaptatie opvallend stabiel.
De grootste bron van onvrede blijkt de ervaren ongelijkheid in de verdeling van de kosten. Veel Nederlanders vinden dat grote bedrijven onvoldoende bijdragen aan de klimaattransitie en dat de financiële lasten te veel terechtkomen bij huishoudens, met name bij lagere inkomensgroepen. Volgens het SCP ligt daar een belangrijke opdracht voor beleidsmakers. Niet zozeer het klimaatdoel zelf staat ter discussie, maar de vraag hoe de kosten en baten eerlijk worden verdeeld. Het rapport onderstreept daarmee dat maatschappelijk draagvlak voor klimaatbeleid niet alleen afhankelijk is van effectiviteit, maar vooral ook van de mate waarin burgers het beleid als rechtvaardig ervaren.
Dit is een samenvatting van het volledige rapport van Sociaal en Cultureel Planbureau.